Werkende ouders zijn op dit moment afhankelijk van een complexe toeslagensystematiek met hoge voorschotten, veel administratieve verantwoordelijkheid en reële risico’s op terugvorderingen. Die risico’s komen vooral terecht bij ouders met lagere inkomens, die de gevolgen het minst kunnen dragen. De LCR heeft eerder gewezen op deze kwetsbaarheden in de verhouding tussen burger en overheid. Het wetsvoorstel financiering kinderopvang neemt een belangrijk deel van de structurele problemen rond de kinderopvangtoeslag weg.
De LCR is positief over de voorgestelde hervorming en geeft enkele overwegingen mee vanuit het perspectief van bestaanszekerheid en gelijke toegang. Het wetsvoorstel pakt een van de structurele problemen van het toeslagenstelsel aan: ouders ontvangen geen voorschotten meer en zijn niet langer verantwoordelijk voor het actueel houden van complexe grondslagen zoals het toetsingsinkomen van het huishouden, het aantal opvanguren, het type opvang en de uurtarieven.
De LCR heeft in de Knelpuntenbrief 2025 aandacht gevraagd voor gezinnen waarin één van de ouders langdurig niet kan werken door een chronische ziekte of beperking. Door de strikte arbeidseis komen deze ouders niet in aanmerking voor financiering van kinderopvang. Zij zijn dan aangewezen op de gemeentelijke regeling Sociaal Medische Indicatie (SMI), die tijdelijk is, per gemeente verschilt en vaak onvoldoende dagen opvang toekent. Het wetsvoorstel neemt dit knelpunt niet weg.
De LCR adviseert ook om in de monitoring en evaluatie van het nieuwe stelsel expliciet aandacht te besteden aan de betaalbaarheid en beschikbaarheid van opvang voor ouders met lagere inkomens.
Jouw stem helpt om aandacht te krijgen. Dus zorg dat iedereen die kan horen.